Minister Elanor Boekholt-O’Sullivan (VRO) roept de negentien burgemeesters betrokken bij het Nationaal Programma Leefbaarheid en Veiligheid op om extra prioriteit te geven aan de aanpak van energiearmoede. Zij vraagt de NPLV-gebieden de extra impuls van €15 miljoen die hiervoor beschikbaar is gesteld versneld in te zetten, zodat huishoudens sneller kunnen profiteren van een lagere energierekening. De oproep volgt op nieuw onderzoek van TNO waaruit blijkt dat energiearmoede in de NPLV-gebieden gemiddeld twee keer zo vaak voorkomt als landelijk: 12 procent tegenover 6 procent. Vanmiddag gaat de minister op werkbezoek in NPLV-gebied Utrecht Overvecht, aansluitend vindt het bestuurlijk overleg NPLV plaats.
Het bestuurlijk overleg vindt vanmiddag plaats in Provinciehuis Utrecht en staat in het teken van de voortgang en de volgende fase van het NPLV. Naast de burgemeesters zijn ook minister Mirjam Sterk van Langdurige Zorg, Jeugd en Sport, minister David van Weel van Justitie en Veiligheid, minister Thierry Aartsen van Werk en Participatie en staatssecretaris Judith Tielen van Onderwijs en Emancipatie aanwezig.
Wijken met grootste energiearmoede
In het regeerakkoord staat dat via het NPLV de wijken met de grootste energiearmoede extra worden geholpen. In de NPLV-gebieden wonen bijna 75 duizend huishoudens in Nederland met energiearmoede, ongeveer 15% van het landelijke totaal. Dat blijkt uit het TNO-onderzoek naar energiearmoede in Nederland. Vooral in Amsterdam, Den Haag en Rotterdam is de concentratie groot.
Van de huishoudens die kwetsbaar zijn voor energiearmoede woont ongeveer 8% in de NPLV-gebieden, ruim 88.000 huishoudens. Landelijk gaat het om circa 1 miljoen huishoudens. Deze groep heeft een laag middeninkomen en is bijvoorbeeld kwetsbaar bij hoge energieprijzen. Dit betreft 1 miljoen huishoudens in Nederland. Hiervan woont 60% in een woning met energielabel D of lager, en heeft 40% een koopwoning.
Besparing van gemiddeld € 215 per jaar door energiehulp
Energiehulp bespaart huishoudens met energiearmoede gemiddeld €215 per jaar op de energierekening, becijferde TNO. De afgelopen jaren werd er al fors ingezet op het verduurzamen van woningen en de aanpak van energiearmoede in de NPLV-gebieden, zoals in Zaandam-Oost, Heerlen-Noord en Arnhem Oost. Sinds de start van het NPLV in 2022 tot zomer 2025 werden circa 62.500 huishoudens in de NPLV-gebieden ondersteund bij het treffen van energiebesparende maatregelen. Ook werden bijna 8.500 sociale huurwoningen verbeterd in energieprestatie. Daarmee ligt het percentage verduurzaamde sociale huurwoningen ongeveer op het landelijke gemiddeld. Toch moet er volgens minister Boekholt dus een tandje bij: energiearmoede komt in de NPLV-gebieden bovengemiddeld vaak voor, terwijl de opbrengsten van ondersteuning voor bewoners juist groot zijn.
Nationaal Isolatieoffensief en Energiehuis
Voorafgaand aan het bestuurlijk overleg bezoekt minister Boekholt samen met ministers Sterk en Aartsen, staatssecretaris Tielen en verschillende burgemeesters Utrecht Overvecht. Daar spreken ze ook een bewoner die ondersteuning kreeg van een energiecoach. Ook gaan ze onder meer op bezoek bij een familieschool, de Utrechtse Werkwinkel en voedselbank.
Eerder vandaag informeerde minister Boekholt ook de Tweede Kamer over het Nationaal Isolatieoffensief en het Energiehuis. In de Kamerbrief roept zij betrokken partijen op om huishoudens sneller te helpen bij het verlagen van hun energierekening. Het kabinet maakte dit voorjaar €300 miljoen vrij voor de versnelling van woningisolatie. Daarvan is €80 miljoen bestemd voor extra inzet van energiecoaches, energiefixers en het Energiehuis. Voor de NPLV-gebieden werd dus aanvullend €15 miljoen beschikbaar gesteld voor de aanpak van energiearmoede.
Hiermee kunnen bewoners met een smallere beurs in NPLV-gebieden extra worden ondersteund bij verduurzaming van hun woning en krijgen zij meer grip op hun energieverbruik. Het gaat bijvoorbeeld om huisbezoeken van energiecoaches en energiefixers voor advies en het uitvoeren van eenvoudige energiebesparende maatregelen. Denk aan het plaatsen van radiatorfolie, energiedisplays en vloer- en spouwmuurisolatie. Ook wordt extra ingezet op het in contact komen met en vertrouwen winnen van bewoners. De ervaring leert dat vooral in kwetsbare wijken hier vaak meerdere bezoeken voor nodig zijn.
Bewoonster Brenda in Schiedam Nieuwland en Oost in haar voormalige woning. Brenda in haar gerenoveerde woning.
Samenhangende aanpak voor verbeteren leefbaarheid
Het Nationaal Isolatieoffensief is onderdeel van een samenhangende aanpak in de NPLV-gebieden om de leefbaarheid en veiligheid voor 1,2 miljoen bewoners te verbeteren. Een prettige en gezonde woning, een stabiel inkomen, goed onderwijs en een veilige leefomgeving zijn belangrijke basisvoorwaarden voor een kansrijke toekomst.
De baten van energiehulp reiken volgens TNO verder dan alleen een lagere energierekening. Zo leidt energiehulp tot minder gebruik van reuma- en astmamedicatie. Ook kan een vergaande woningrenovatie, bijvoorbeeld met een warmtepomp, huishoudens in energiearmoede jaarlijks gemiddeld € 2.011 aan energiekosten en € 963 aan zorgkosten besparen. Daarnaast versterkt energiehulp de sociale samenhang in buurten; bewoners zijn vaker actief in hun wijk.
Tijdens het bestuurlijk overleg spreken de aanwezigen daarom ook over andere thema's die van invloed zijn op de leefbaarheid en kansen van bewoners. Zoals de voortgang van de woningbouw en de Woontopafspraken, het verhogen van de vaccinatiegraad, het terugdringen van gezondheidsverschillen, toeleiding naar werk binnen de wijkgerichte aanpak, een bredere aanpak van ondermijning en het inpassen van familiescholen binnen het NPLV-programma.